Samenwerken aan circulair bouwen

Editie: 27

Gepubliceerd op: 09 april 2020

De bouw is grootverbruiker van grondstoffen en energie en veroorzaakt veel CO2-uitstoot, bijvoorbeeld bij de fabricage van traditioneel beton. Ook komen er in de bouw veel afvalmaterialen vrij, welke nu nog zelden hoogwaardig worden hergebruikt. Klimaatverandering, vervuiling van de omgeving (denk hierbij aan de PFAS-crisis) en discussies over natuurbehoud en ecologie (zoals bij de stikstofcrisis) zorgen ervoor, dat bouwprojecten niet meer van de grond komen. Het is tijd dat de bouwsector de bakens gaat verzetten. Klimaatverandering is één reden hiervoor, maar denk ook aan duurzaamheid, morele overwegingen, juridische, geo-politieke en economische argumenten. Er dienen zich kansen aan om op een andere manier te gaan ontwerpen en te ondernemen. Circulaire bouw kan voor veel van onze huidige uitdagingen een oplossing bieden. Daarbij gaat het deels om technologische innovaties, maar veel meer nog om andere manieren van organiseren.

 


Het is tijd dat de bouwsector de bakens gaat verzetten

Verspilling is gewoon dom

Klimaatverandering valt inmiddels moeilijk meer te ontkennen. In sommige delen van de wereld komen nu vaker dan voorheen bosbranden en perioden van grote droogte voor, terwijl er in andere delen juist sprake is van extreme koude, orkanen die krachtiger zijn dan voorheen en extreme hoeveelheden neerslag in korte tijd. Globaal gezien is er sprake van een doorgaande trend van temperatuurstijging, waarbij de poolkappen weg smelten en de zeespiegel langzaam stijgt. We zijn in hoge mate afhankelijk van de aanwezige grondstoffen en van een delicaat evenwicht van heel veel processen op aarde die in elkaar grijpen. Door de groei van de wereldbevolking worden essentiële grondstoffen steeds schaarser en maken onze afvalstoffen de aarde steeds minder leefbaar. Een meetmethode die dit in 1 cijfer probeert te vatten is de Earth Overshoot Day, de datum waarop we wereldwijd evenveel natuurlijke grondstoffen hebben gebruikt als de aarde in één jaar kan produceren, oftewel de dag waarop we gaan interen op onze reserves. Nog nooit eerder viel deze dag zo vroeg in het jaar: in 2019 was dit moment bereikt op 29 juli. Een andere manier om de urgentie voor het anders inrichten van onze economie en samenleving inzichtelijk te maken is, dat indien we wereldwijd onze huidige manier van leven, produceren en consumeren willen handhaven, we op dit moment al ruim 2 aardbollen nodig hebben om ons te voorzien van de benodigde grondstoffen. Kortom, ons systeem is niet duurzaam. Los van de morele overwegingen, dat wil zeggen onze plicht om de aarde leefbaar achter te laten voor de generaties die na ons komen, zijn er ook juridische argumenten die ons kunnen motiveren om te streven naar verandering. In de Klimaatzaak van Urgenda in 2015 tegen de Nederlandse Staat oordeelde het gerechtshof, dat de uitstoot van broeikasgassen in Nederland eind 2020 tenminste 25 procent lager moet zijn dan in het geval was in 1990. Deze uitspraak, die uitgaat van de zorgplicht van de Staat en mede gebaseerd is op het Europese Verdrag voor de bescherming van de Rechten van de Mens, is op 20 december 2019 door de Hoge Raad nogmaals bevestigd. Economisch gezien is het ook niet erg slim om bij toenemende schaarse waardevolle grondstoffen weg te gooien (de lineaire economie van take, make, dispose), en dus is het verstandig om uiteindelijk zoveel mogelijk zelfvoorzienend te worden. Immers, onzekerheid over materiaalbeschikbaarheid leidt tot ongewenste prijsvolatiliteit (door fluctuatie in grondstoffenprijzen nemen risico’s toe) en komt de concurrentiepositie in gevaar. Dit leidt op veel plaatsen in de wereld tot instabiliteit, gewapende conflicten en vluchtelingenstromen.

Wetenschap

Inmiddels hebben we vanaf 1995 maar liefst 25 internationale conferenties gehad, de zogenaamde Conferences of Parties (COP’s), waarbij eerst gestreefd werd naar het tegengaan en later het zoveel mogelijk beperken van klimaatverandering. Hierin werkt men samen met het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC). Deze laatste instantie kwam in oktober 2018 met een Special Climate Report, waarin gesteld werd, dat beperking van de werelwijde temperatuurstijging tot 1,5 graad – de grens om onze aarde op langere termijn leefbaar te houden – mogelijk is, maar dat dit een enorme transitie vergt op het gebied van landgebruik, energie, industrie, gebouwen, transport en stedelijke ontwikkeling. Al deze aspecten raken ook aan de bouwsector. Naast door NGO’s afgedwongen beleid (Urgenda, PFAS) zal het naar verwachting op termijn leiden tot nieuwe wet- en regelgeving, zoals incentives bij aanbestedingen voor hoogwaardig hergebruik van materialen en forsere beprijzing van energie en CO2-uitstoot.

Politiek

Onze vaderlandse politiek is relatief laat in beweging gekomen en zet in nu fors in op energietransitie en circulaire economie. In september 2016 heeft Rutte-II het Rijksbrede programma Nederland Circulair in 2050 gepresenteerd. Het doel is een duurzame, volledig circulaire economie in 2050, en al in 2030 50% minder verbruik van primaire grondstoffen (mineraal, fossiel en metalen). Deze plannen mondden in 2017 uit in het Nationaal Grondstoffenakkoord, met diverse transitieagenda’s, waaronder een agenda voor de bouwsector. Op 8 februari 2019 bood staatssecretaris Stientje van Veldhoven namens het kabinet het Uitvoeringsprogramma Circulaire economie 2019-2023 aan aan de Tweede Kamer, en op 21 februari 2019 werd dit programma gepresenteerd tijdens de Nationale conferentie Circulaire economie in Den Haag. Bijna tegelijk kwam het Transitiebureau Circulaire Bouweconomie met een brochure getiteld Naar een circulaire bouweconomie. Uitvoeringsprogramma 2019.

Wat in deze publicaties opvalt, is de opsomming van mooie ambities en tegelijkertijd de in zeer algemene termen geformuleerde wijze hoe we deze doelen moeten bereiken: productinnovatie, marktontwikkeling, vraagsturing, betere financiering, creëren van experimenteerruimte en uniformering van meetmodellen en materialenpaspoorten, en het werken aan bewustwording en kennisdeling. Maar hoe krijgen we dan de markt in beweging, hoe zorgen we dat overheden, het bedrijfsleven en opdrachtgevers samen tot nieuwe circulaire projecten en business gaan komen? Ook hier heeft men alles uit de kast getrokken: nieuwe platforms, samenwerkingsverbanden, een versnellingshuis en een renovatieversneller, een innovatiecentrum en aanjaagteams, uiteraard een task force, green deals, probleemverkenningen, inventarisaties en agenda’s. Er zijn nog te weinig aansprekende voorbeelden, dus bekende projecten als een ‘plastic road’ en een ‘circulair viaduct’ passeren opnieuw de revue. Verder wordt er gevraagd om meer onderzoek, gezegd dat we nieuwe wegen moeten inslaan, en geroepen dat we het gewoon moeten gaan dóen.

Technologische innovaties

Een systematische en integrale aanpak ontbreekt echter nog. Hoe kunnen we een circulaire bouweconomie tot stand brengen? Uiteraard zijn er de diverse technologische innovaties, zoals modulair bouwen en nieuwe bio-based producten. Er worden energieneutrale woningen gebouwd. Er zijn producten zoals grasfalt en grasbeton, waarbij plantaardige producten voor de binding zorgen, het gebruik van fossiele grondstoffen sterk vermindert (zoals het gebruik van bitumen) en de CO2-uitstoot wordt beperkt of zelfs CO2 wordt vastgelegd. Er wordt geëxperimenteerd met houtbouw. Er is het model van Stewart Brand uit 1994, dat bij een pand 6 schillen definieert. Voor iedere ‘schil’ is er een eigen levensduur en aanpak: Site, Structure, Skin, Services, Space, and Stuff. Dat veronderstelt, dat er uiteindelijk grootschalig, industrieel, modulair en dus losmakelijk gebouwd gaat worden. Prof. Hennes de Ridder van de TU Delft had een vooruitziende blik en publiceerde hierover al in 2011: De legolisering van de bouw. Diverse bouwondernemingen zijn al heel actief, zoals VolkerWessels samen met Rau Architecten met hun circulaire huisvesting van Alliander in Duiven, Heijmans die systematisch aandacht besteedt aan biodiversiteit en ecologie en BAM met het ABN Amro Paviljoen Circl op de Zuidas in Amsterdam.

 

 

Sociale innovaties

En toch, technologische innovaties dragen slechts 25% bij aan de circulaire economie (prof. Jan Jonker, 2018). Het overgrote deel betreft namelijk sociale innovaties (organisatie, samenwerkings- en financieringsvormen, de rol van de opdrachtgever, de rol van de consument, etc.) De Ladder van Lansink, later door prof. Jacqueline Cramer verder verfijnd tot het 10-R-model, is een handig hulpmiddel om te komen tot hoogwaardig hergebruik. Actuele diensten die de bouwsector kunnen helpen bij de transitie naar een circulaire economie zijn systemen als Madaster, een online bibliotheek om materialen in de gebouwde omgeving vast te leggen voor toekomstig hergebruik, en grondstoffen- en materialenbanken als Instert. Het is belangrijk om bij circulariteit ook aandacht te hebben voor de juridische aspecten. Het betekent vaak nieuwe vormen van ketensamenwerking, nieuwe producten die langdurig hun waarde moeten behouden, nieuwe diensten (zoals PaaS – product as a service) en nieuwe vormen van aanbesteding. Het contractrecht, goederenrecht, privaatrecht en het Nederlandse en Europese aanbestedingsrecht zijn daarbij belangrijk. Denk hierbij ook aan de financiële aspecten als fiscaliteit, verzekeringskwesties en circulaire verdienmodellen. Een mooi voorbeeld hierbij is een lease-gevel, met ingebouwde installaties. Wie is de wettelijke eigenaar, wat gebeurt er bij brand of schade, kan de producent de gevel terugnemen zonder iets terug te plaatsen, voor wiens rekening komt de OZB?

 

Goede verantwoording

Ook belangrijk is, om circulaire keuzes goed te verantwoorden en ‘greenwashing’ te voorkomen. Daarvoor zijn er diverse meetmodellen beschikbaar, zoals die van W/E-adviseurs en Optimal Planet. Een probleem daarbij is, dat van diverse nieuwe producten LCA-gegevens (nog) niet beschikbaar zijn. In ons project circulair fietspad Zevenaar hebben we geprobeerd om zoveel mogelijk dimensies in te voeren in ons meetsysteem:

  1. materialen, bedrijfsprocessen en ketens;
  2. aanleg, beheer en onderhoud, end-of-life oplossingen;
  3. parameters als CO2-uitstoot en andere emissies, energieverbruik en duurzame energie, bio-based materialen, verspilling, afval en hoogwaardig hergebruik, personeel en maatschappij (sociale dimensie van circulariteit).

Het blijft ingewikkeld. Circulair bouwen is soms pas na 2 of 3 cycli van hergebruik goedkoper dan gangbaar en dat is iets wat ver in de toekomst gaat gebeuren. Het is moeilijk om dat nu al te borgen. Het is natuurlijk wel zo, dat hoe meer er demontabel en flexibel gebouwd wordt (waarbij een pand gemakkelijk nieuwe functies kan krijgen), hoe minder grondstoffen er verspild zullen worden.

Systematisch en integraal voortbouwen

Om écht circulaire stappen te zetten moet dus het héle plaatje kloppen. Financiëel, juridisch, communicatie, organisatie en co-creatie, circulaire aanbesteding, de ontwikkeling van innovatieve bio-based producten en circulariteit meetbaar maken. We hebben in 2018 en 2019 binnen het Efro-project de Hotspot Circulaire Weginfrastructuur met al deze aspecten geoefend, breed kennis en ervaringen gedeeld en pilots gedaan met nationale uitstraling. Naast het toepassen van allerlei technologische innovaties zoals (gr)asfalt en grasbeton was het proces erg belangrijk: samen optrekken en leren met alle stakeholders op basis van gelijkwaardigheid in een bouwteam, ambities vaststellen, obstakels overwinnen en het gebruik van meetmodellen waardoor we aantoonbaar het best passende ontwerp binnen het budget konden kiezen. Voor deze vernieuwende werkwijze en de innovatieve producten heeft het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat hiervoor de Koopwijsprijs 2018 toegekend voor ons circulaire fietspad in Zevenaar. Met deze aanpak gaan we door. Dat zal zijn in de vorm van het Living Lab Circulaire Fietsinfrastructuur, een open en meerjarig innovatieplatform waar overheden, bedrijven, onderwijs, ngo’s en burgers samen optrekken. Het is een zeer efficiënte aanpak voor complexe uitdagingen zoals de transitie naar een circulaire bouweconomie. De kerngroep met meerdere schillen van experts en meelezers werken samen aan de hand van een aantal spelregels: gelijkwaardigheid, respect voor elkaars belangen, open delen van informatie, commitment en geen ‘free riders’ en geen hiërarchie. De Living Lab-sessies zijn gebaeerd op op de methode van The Natural Step en het Framework for Strategic Sustainable Development (FSSD). Deelnemers aan het Living Lab zijn bedrijven, overheden, onderwijsinstellingen en burgers/ngo’s. Ons volledige rapport met aanbevelingen en tips is voor iedereen gratis te downloaden op www.circulairbouwen.org.

Systeemverandering

Willen we echt werk maken van circulaire economie, dan is daarvoor een systeemverandering nodig. Het vraagt om organisatorische veranderingen en een nieuw economisch model, waarbij we gaan van competitie naar co-creatie. Alle spelers in het spel – bestuurders, beleidsmedewerkers, ontwerpers, bouwers, toeleveranciers, etc. – krijgen te maken met nieuwe rollen, processen, regels, tools, posities en definities. Er is tijd, ruimte en vertrouwen nodig om te werken aan deze transitie.

 

Referenties

Earth Overshoot Day https://www.overshootday.org

De Circulaire Economie. Denkbeelden, ontwikkelingen en business modellen. White Paper. Prof. dr. Jan Jonker, Hoogleraar Duurzaam Ondernemen aan de RU Nijmegen, januari 2018. (p. 9).

Artikel ‘Milieustraat nieuwe stijl: de Grondstoffenbank van de toekomst.’ Verschenen in het vakblad GRAM, april 2018. https://www.nvrd.nl/gram

LEGOlisering van de bouw. Industrieel maatwerk in een snel veranderende wereld. 2011. Prof. Dr. Ir. Hennes de Ridder, gepensioneerd hoogleraar Integraal Ontwerpen aan de TU Delft

Stewart Brand 6S-model. How Buildings Learn: What Happens After They’re Built (Brand, 1994). Later in 1997 verwerkt in een zes-delige BBC-serie, nog via Youtube te bekijken.

VPRO Tegenlicht De Houtbouwers. https://www.vpro.nl/programmas/tegenlicht/kijk/afleveringen/2019-2020/houtbouwers.html

Rijksoverheid over circulariteit. https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/circulaire-economie/nederland-circulair-in-2050

Madaster. https://www.madaster.com/nl

Insert. https://www.insert.nl

 

 

 

 

Mail de redactie